Essay 3 — De verveling-spanning-economie

Essay 3 — De verveling-spanning-economie

Het lijf beslist, het verstand verzint er later een reden bij

Vier essays over opwinding, angst en de grenzen van voorbereiding

Waarom je betaalt om bang gemaakt te worden

 

Beste lezer,

Deel drie. Als nepgevaar je nergens op voorbereidt, waarom is de horror- en pretparkindustrie dan miljarden waard? Dit stuk gaat over verveling als drijfveer, over waarom je lichaam liever bang is dan niets voelt, en over wat dat zegt over hoeveel rust een mens eigenlijk verdraagt. Met een uitstapje naar waarom mensen seks vaker om de kick dan om de voortplanting blijken te hebben.

Essay 3: De verveling-spanning-economie.

Veel leesplezier,

Peter Koopman

 

Essay 3 — De verveling-spanning-economie

Niemand betaalt entreegeld om vervolgens rustig te blijven zitten. De hele pretpark-, horror- en goksector draait op het omgekeerde: mensen geven vrijwillig geld uit om hun eigen lijf tijdelijk van slag te maken. Dat is raar zodra je het benoemt, en de verklaring ervoor zegt iets onaangenaams over hoeveel rust een mens eigenlijk verdraagt.

Daniel Berlyne beschreef in de jaren zestig een optimaal arousalniveau waar organismen naartoe reguleren, niet naar rust maar naar een middenpositie. Te weinig prikkeling voelt net zo onaangenaam als te veel. James Danckert en John Eastwood hebben dat recenter uitgewerkt tot een functioneel model van verveling: verveling is geen leegte, het is een signaal, een oproep tot actie, precies zoals honger een oproep is om te gaan eten, alleen dan voor stimulatie in plaats van calorieën. Een dier of mens dat te lang onder zijn optimum blijft hangen, gaat op zoek naar iets, wat dan ook, om die lege meter weer omhoog te krijgen.

Wat mensen daarvoor kiezen is opvallend vaak iets dat ze zelf niet prettig zouden noemen. Paul Rozin bedacht er de term benign masochism voor: het genieten van dingen die het lijf eerst als bedreiging of pijn registreert, sterke chili, ijskoud water, horror, verdrietige films, precies omdat een hogere laag in het brein weet dat er geen echt gevaar is en dus de ruwe fysiologische respons vrij kan consumeren zonder de rekening. Michael Kerr, Greg Siegle en Guido Orgs noemden dit in 2019 voluntary arousing negative experiences, en het onderzoek van Mathias Clasen en Coltan Scrivner naar horrorfans laat een aardige twist zien: fans die al voor de coronapandemie van griezelfilms hielden, kwamen daar psychologisch beter uit dan mensen die dat niet deden. Alsof je thuis een noodgenerator test voordat de stroom echt uitvalt.

Waarom voelt het sluiten van een spanningsboog zo bevredigend, ook als de inhoud onderweg vervelend was? George Loewenstein gaf daar in 1994 een motivationele verklaring voor met zijn information gap theory: een informatiehiaat voelt zelf al onaangenaam, als een soort jeuk, en het sluiten ervan levert de beloning, los van of het traject erheen leuk was. Kent Berridge en Terry Robinson maakten het onderscheid tussen wanting en liking scherper: het dopaminerge systeem stuurt de aantrekkingskracht van een prikkel aan, niet per se het plezier erin. Dat verklaart waarom mensen naar films kijken die ze zelf eng noemen in plaats van leuk, en toch blijven terugkomen. Je kunt iets willen zonder het te waarderen, en dat is precies het businessmodel van elke horrorfranchise.

Seks past in hetzelfde plaatje, wat de meeste mensen liever niet hardop toegeven. Cynthia Meston en David Buss inventariseerden in 2007 honderden redenen die mensen opgeven voor seks, en naast voortplanting en binding komt een stevig cluster naar boven dat simpelweg draait om sensatie, nieuwigheid en spanning zoeken als doel op zich, los van elk ander nut.

De cynische, maar volgens mij correcte, lezing hiervan is dat de hele vermaaksindustrie een kunstmatige fabriek is voor onvoorspelbaarheid, gebouwd omdat het moderne bestaan zo veilig en dichtgetimmerd is geworden dat mensen hun eigen risico moeten faken om niet te verschrompelen van verveling. Onze verre voorouders hoefden niet naar de bioscoop voor een adrenalinestoot. Die kwam vanzelf, gratis en zonder popcorn, in de vorm van een struik die bewoog op de savanne.

 

Literatuurlijst

Essay 3, de verveling-spanning-economie

Berlyne, D.E. (1960). Conflict, Arousal, and Curiosity. McGraw-Hill.

Danckert, J. & Eastwood, J.D. (2020). Out of My Skull: The Psychology of Boredom. Harvard University Press.

Rozin, P., Guillot, L., Fincher, K., Rozin, A. & Tsukayama, E. (2013). Glad to be sad, and other examples of benign masochism. Judgment and Decision Making, 8(4), 439-447.

Kerr, M., Siegle, G.J. & Orgs, G. (2019). Voluntary arousing negative experiences (VANE): why we like to be scared. Psychology of Aesthetics, Creativity, and the Arts, 13(3), 233-238.

Clasen, M. (2017). Why Horror Seduces. Oxford University Press.

Scrivner, C., Johnson, J.A., Kjeldgaard-Christiansen, J. & Clasen, M. (2021). Pandemic practice: horror fans and morbidly curious individuals are more psychologically resilient during the COVID-19 pandemic. Personality and Individual Differences, 168.

Loewenstein, G. (1994). The psychology of curiosity: a review and reinterpretation. Psychological Bulletin, 116(1), 75-98.

Berridge, K.C. & Robinson, T.E. (1998). What is the role of dopamine in reward: hedonic impact, reward learning, or incentive salience? Brain Research Reviews, 28(3), 309-369.

Meston, C.M. & Buss, D.M. (2007). Why humans have sex. Archives of Sexual Behavior, 36(4), 477-507.

 

Ook interessant voor jou!