Zaterdagnacht ging de klok een uur terug en zondagochtend had bijna iedereen plannen met dat uur. Hardlopen, administratie, dat ene hoofdstuk. Vraag me om half negen wie er nog van wist.
Vandaag een stuk over de wetgever die het voornemen maakt en de uitvoerder die het nooit heeft gelezen. Gewoon één lichaam, in twee toestanden, en het onderzoek is daar pijnlijk duidelijk over. Ik laat ook zien waar mijn eigen verhaal wringt, want er zit een bestuurder in verstopt die ik liever niet had binnengelaten.
Lees het met een kop koffie, maar maak er geen plan bij.
Peter Koopman
Voormalig sportdocent, maar vooral amateur-antropoloog van de menselijke illusie
Het uur dat niemand koos
Zaterdagavond, kwart voor elf, het glas nog halfvol. De klok gaat vannacht een uur terug, dus de zondag duurt langer. Je neemt je voor dat uur te gebruiken: hardlopen voor het ontbijt, de administratie, dat ene hoofdstuk, de garage. Het voornemen voelt als een besluit. Het heeft gewicht, een datum en zelfs een tijdstip.
Zondag om half negen ligt er iemand in jouw bed die dat besluit nooit heeft genomen. Zelfde lichaam, zelfde naam, andere inhoud. Een andere bloedsuikerspiegel, een andere hoeveelheid slaap, een heel andere verhouding tussen de warmte onder het dekbed en de kou op de gang. Die persoon denkt niet: ik had een plan. Die denkt: nog vijf minuten. Om negen uur is het uur op, en niemand kan zeggen wanneer het precies is verdwenen.
Het onderzoek hiernaar is bijna beschamend eenvoudig. Kantoormedewerkers kregen de vraag welk tussendoortje ze de week erna wilden hebben, fruit of iets met chocola. Wie net had gegeten, koos voor volgende week overwegend fruit. Wie op een late middag met honger werd gevraagd, koos chocola. Zelfde mensen, zelfde week, zelfde keuzelijst. Niemand had het gevoel zijn keuze te maken op grond van zijn maag. Iedereen had het gevoel iets over volgende week te weten.
Jonge mannen die in een rustige toestand werd gevraagd wat ze zouden doen in een seksueel geladen situatie, sloten een hele reeks dingen uit. Dezelfde mannen, opgewonden, bleken diezelfde dingen te overwegen. De nuchtere versie van henzelf was een buitenstaander gebleken, met een mening over een kamer waar hij nooit was geweest.
Elke sportschool kent dit in het groot. In januari tekent een man in een koude toestand een abonnement voor een jaar, in de verwachting dat iemand anders hem daarna wekelijks door de draaideur zal dragen. Uit gegevens van sportscholen bleek dat leden met een maandcontract gemiddeld meer betaalden dan ze kwijt waren geweest als ze per bezoek hadden afgerekend, terwijl ze zelf hadden verwacht vaak te komen. De prijs van de sportschool bevat een opslag voor het verschil tussen de man die tekent en de man die komt. Dat verschil is het verdienmodel.
Waarom lukt het het brein niet om die kloof te zien? Omdat elke voorspelling begint waar het systeem nu staat. Een verzadigd lichaam rekent met verzadiging, ook als het over honger moet nadenken. Het kan koud en heet niet naast elkaar leggen, want het heeft maar één toestand tegelijk om mee te rekenen: de huidige. Wat als herinnering van honger voorbijkomt, is een plaatje van honger, zonder de trek eraan.
De taal komt daarna pas langs. Wie zondag niet is gaan hardlopen, zoekt een reden. Zwakte, een slechte nacht, geen discipline. Het woord wilskracht is de naam die we aan de rekening geven, nadat het verschil tussen twee toestanden is verbruikt. Er is geen rechter nodig; de woorden komen toch wel.
Intussen zijn mensen verbazend inventief in het afsluiten van de achterdeur. Ze zetten de wekker aan de andere kant van de kamer. Ze spreken om zeven uur af met een vriend die niet tegen een nee kan. Ze betalen vooruit, zodat weggooien pijn doet. Het zijn geen argumenten tegen de uitvoerder; het zijn sloten op een deur waarvan de wetgever vermoedt dat er ooit iemand doorheen wil. Wie slim is, kent zijn eigen gewoonte van vroeger en rekent daarmee. Wie dat niet is, rekent met zijn goede bedoelingen.
Zaterdag om elf uur zet de wetgever zijn hardloopschoenen bij de voordeur. Netjes naast elkaar, met de veters al los, voor het gemak van iemand die hij niet kent. Die stapt zondag langs de schoenen naar het koffiezetapparaat.
De schoenen staan er maandag nog.
Literatuur
- Loewenstein, G. (1996). Out of control: visceral influences on behavior. Organizational Behavior and Human Decision Processes, 65, 272-292.
- Loewenstein, G. (2005). Hot-cold empathy gaps and medical decision making. Health Psychology, 24, S49-S56.
- Read, D., & van Leeuwen, B. (1998). Predicting hunger: the effects of appetite and delay on choice. Organizational Behavior and Human Decision Processes, 76, 189-205.
- Ariely, D., & Loewenstein, G. (2006). The heat of the moment: the effect of sexual arousal on sexual decision making. Journal of Behavioral Decision Making, 19, 87-98.
- DellaVigna, S., & Malmendier, U. (2006). Paying not to go to the gym. American Economic Review, 96, 694-719.
- Ainslie, G. (2001). Breakdown of Will. Cambridge University Press.
- O’Donoghue, T., & Rabin, M. (1999). Doing it now or later. American Economic Review, 89, 103-124.
- Ariely, D., & Wertenbroch, K. (2002). Procrastination, deadlines, and performance: self-control by precommitment. Psychological Science, 13, 219-224.
- Hagger, M. S., et al. (2016). A multilab preregistered replication of the ego-depletion effect. Perspectives on Psychological Science, 11, 546-573.
- Kurzban, R., Duckworth, A., Kable, J. W., & Myers, J. (2013). An opportunity cost model of subjective effort and task performance. Behavioral and Brain Sciences, 36, 661-679.
- Gilbert, D. T., & Wilson, T. D. (2007). Prospection: experiencing the future. Science, 317, 1351-1354.
