(seks of geld, dat is de vraag)
U bent jarig en mag kiezen!
Een ongemakkelijke vraag die beter niet gesteld had kunnen worden
Beste Lezer,
Dit is geen kerststuk, geen pamflet en geen morele exercitie.
Het is een eenvoudige vraag die zelden hardop wordt gesteld omdat het antwoord te veel blootlegt:
Waar kiest u voor: geld of seks?
Het bijgevoegde essay maakt die vraag niet grappig, niet luchtig en niet veilig. Het ontleedt produceren, verlangen, bezit en geweld als varianten van één en hetzelfde mechanisme: het georganiseerde wegkijken van eindigheid.
Geen oplossingen.
Geen pleidooi.
Geen ethisch handvat.
Alleen observatie — en de consequenties daarvan.
Wie dit leest als mening, mist de pointe.
Wie zich ergert, herkent zichzelf.
Wie het te ver vindt gaan, heeft begrepen waar het over gaat.
Lees op eigen risico.
Het stuk is ongeschikt voor snelle consumptie en niet bedoeld om het met iedereen eens te zijn.
Met rijkelijk vette kerstgroet,
Peter Koopman
TO BE —
(seks of geld, dat is de vraag)
Stel de vraag hardop, zonder ironie, zonder grap:
Waar kiest u voor: geld of seks?
De lach die volgt is geen humor maar zelfbescherming. Men voelt onmiddellijk dat deze vraag te dicht bij iets komt wat normaal zorgvuldig wordt toegedekt. Uiteindelijk kiest men vrijwel altijd voor geld. Vrijheid, zekerheid, mogelijkheden — zo luidt het antwoord. Maar dat antwoord komt pas na de keuze. Eerst de reflex, dan het verhaal.
Die reflex verraadt meer dan men lief is toe te geven.
De mens weet namelijk iets wat hij niet kan verdragen: dat hij sterft. Niet straks, niet theoretisch, maar onvermijdelijk. Die wetenschap vormt een constante achtergrondruis die moet worden overstemd om te kunnen functioneren. Dat is geen pathologie, maar conditie.
Ernest Becker beschreef dit als ontkenning: cultuur niet als beschaving, maar als verdedigingslinie. Alles wat wij bouwen — werk, status, bezit, relaties, moraal — dient uiteindelijk één doel: het lichaam het zwijgen opleggen en de eindigheid uit beeld houden. Vanuit dat perspectief is de vraag seks of geld geen luchtige provocatie, maar een existentiële lakmoesproef.
Geld: de schone ontkenning
Geld is aantrekkelijk omdat het niets voelt. Het heeft geen huid, geen adem, geen veroudering. Het slijt niet, sterft niet, ruikt niet. Geld belooft voortbestaan zonder kwetsbaarheid. Niet biologisch, maar symbolisch.
David Graeber liet zien dat geld geen neutraal ruilmiddel is, maar een moreel boekhoudsysteem. Wie veel heeft, heeft zogenaamd bijgedragen. Wie weinig heeft, faalde. We leveren een aanzienlijk deel van onze leef-tijd in voor werk dat vaak nauwelijks intrinsieke waarde heeft, om toegang te krijgen tot symbolen die ons zouden moeten bevrijden.
Dat noemen we volwassenheid.
Of verantwoordelijkheid.
Of vrijheid.
In werkelijkheid is het een sociaal beloonde vorm van zelfvervreemding. Niet om te zijn, maar om te tonen dat men iets heeft. Geld is geen middel meer, maar een bestaansbewijs. Wie niets verdient, bestaat nauwelijks.
Geld dempt angst. En angst vraagt onderhoud.
Seks: herinnering aan het lichaam
Seks daarentegen is rommelig. Onbetrouwbaar. Niet overdraagbaar. Slecht te administreren. Seks confronteert met huid, adem, falen, ouder worden. Seks herinnert eraan dat we dieren zijn met een houdbaarheidsdatum.
Evolutionair gezien is de zaak helder. De mens is geen zwaan. Monogamie is geen biologisch lot, maar een sociaal arrangement. Esther Perel en Helen Fisher hebben dit uitvoerig laten zien: we leven in een permanente spanning tussen hechting en nieuwigheid.
Maar seks gaat zelden over voortplanting. En zelden over seks zelf.
Het gaat over bevestiging.
Over gekozen worden.
Over tijdelijke opschorting van zelfbewustzijn.
In termen van Thomas Metzinger: seksuele interactie kan het zelf-model tijdelijk verzachten of laten oplossen. Even geen afgesloten “ik”, maar een gedeelde ervaring. Soms blijft daarvan een herinnering over die warmer is dan elk bankafschrift.
Juist dat maakt seks gevaarlijk.
De valse tegenstelling
Wie denkt dat geld en seks tegenpolen zijn, heeft slecht gekeken.
Seks kan worden ingezet om geld te verkrijgen.
Geld kan worden ingezet om seks te verkrijgen.
Structureel is er geen verschil. In beide gevallen worden tijd, aandacht, nabijheid en energie verhandeld. Het verschil zit niet in de handeling, maar in de mate van abstractie.
Een consultant verkoopt stress en beschikbaarheid.
Een sekswerker verkoopt intimiteit en aanwezigheid.
Beiden leveren iets van zichzelf in.
Maar slechts één van de twee mag dit fatsoen noemen.
Zolang exploitatie abstract blijft, heet de economie.
Zodra ze lichamelijk wordt, heet ze immoreel.
Bezit: waar verlangen omslaat in geweld
Waar geld en seks elkaar raken, verschijnt onvermijdelijk een derde element: bezit. Niet praktisch hebben, maar toe-eigenen. Afbakenen. Controleren.
Hier ontspoort het.
Seks wordt gevaarlijk zodra zij wordt geïnterpreteerd als bezit in plaats van ervaring. Liefde verandert dan van ontmoeting in claim. Jaloezie is geen emotie, maar een territoriale reflex. In evolutionaire termen logisch. In menselijke termen dodelijk.
Femicide is geen ontsporing van liefde, maar een consequente uitwas van eigendomsdenken toegepast op een mens. Niet lust doodt, maar bezitspaniek.
René Girard liet zien hoe verlangen mimetisch is: we willen wat de ander wil. Bezit is nooit privé, maar altijd gespiegeld. Waar spiegeling escaleert, volgt geweld. Niet omdat mensen slecht zijn, maar omdat ze consistent zijn.
Geld als gelegaliseerd bezit
Geld maakt bezit abstract en daardoor acceptabel. Het stelt in staat te controleren zonder handen vuil te maken. Wie geld bezit, bezit opties. Wie opties bezit, bezit macht. En wie macht bezit, hoeft zelden te slaan.
Economisch bezit is schoon.
Relationeel bezit is verdacht.
Maar structureel zijn ze identiek.
Hier raakt Karl Marx opnieuw raak: de mens herkent zichzelf niet meer buiten zijn output. Vandaag heet dat zelfontplooiing. In werkelijkheid is het een systeem waarin geweld is uitbesteed aan structuren.
To Be, or Not To Be
William Shakespeare stelde de vraag scherper dan men doorgaans beseft. “To be” is geen romantische zelfverwerkelijking. Het is kwetsbaar, tijdelijk, niet te bezitten. Seks hoort daarbij. Ervaring ook. Verlies ook.
“Not to be” is veiliger: bestaan als rol, als functie, als balans. Geld maakt dat mogelijk. Het dempt de angst voor afhankelijkheid, eindigheid en lichamelijkheid.
De vraag seks of geld is daarom geen grap, maar een existentiële veiligheidskeuze.
Men kiest geld niet omdat het vervult, maar omdat het geweld verplaatst. Seks vraagt persoonlijke inzet. En wie inzet toont, kan verliezen.
Slot
De keuze tussen geld en seks is geen morele kwestie, maar een verdedigingsstrategie tegen de dood. Geld abstraheert sterfelijkheid. Seks belichaamt haar. Bezit probeert haar vast te zetten.
Waar die pogingen falen, verschijnt geweld.
Niet uit lust.
Niet uit haat.
Maar uit paniek.
De mens doodt niet om te leven,
maar om niet te hoeven erkennen
dat hij sterft.
Wie geld kiest, kiest voor abstract geweld.
Wie seks kiest, kiest voor concreet risico.
De meeste mensen kiezen geld,
omdat het bloedloos lijkt.
Dat het dat niet is,
blijft buiten beeld.
En precies daar,
in die vrijwillige blindheid,
vindt het systeem zijn rust.
Literatuurlijst
Existentiële grondslag / doodsontkenning
· Ernest Becker — The Denial of Death
· Irvin D. Yalom — Existential Psychotherapy
Geld, schuld en abstract bezit
· David Graeber — Debt: The First 5,000 Years
· Georg Simmel — The Philosophy of Money
· Karl Marx — Economic and Philosophic Manuscripts of 1844
Verlangen, mimese en geweld
· René Girard — Violence and the Sacred
· René Girard — Things Hidden Since the Foundation of the World
Seks, hechting en begeerte
· Esther Perel — Mating in Captivity
· Helen Fisher — Why We Love
· Desmond Morris — The Naked Ape
Zelf, bewustzijn en illusie
· Thomas Metzinger — Being No One
· Antonio Damasio — Self Comes to Mind
Aanvullend (context en scherpstelling)
· Zygmunt Bauman — Liquid Love
· Erich Fromm — To Have or To Be?
· Arthur Schopenhauer — The World as Will and Representation
