Over aandacht, aanraking en wat vanzelf verdwijnt

Over aandacht, aanraking en wat vanzelf verdwijnt

Beste Lezer,

Relaties stranden zelden op gebrek aan liefde. Ze stranden op iets prozaïscher: gewenning.
Wat werkt, wordt efficiënt. Wat efficiënt wordt, verliest aandacht. En wat aandacht verliest, verdwijnt langzaam uit het zicht — niet omdat het onbelangrijk is, maar omdat het te goed geleerd is.

Bijgevoegd essay is geen pleidooi, geen therapie en geen handleiding om iets te redden. Het is een analyse. Een poging om zichtbaar te maken hoe intimiteit slijt, hoe aanraking betekenis krijgt en verliest, en hoe het organisme alles wat waardevol is zo snel mogelijk omzet in repertoire om energie te sparen.

Massage fungeert hierin niet als oplossing, maar als context: een tijdelijke leeromgeving waarin gedrag zichtbaar wordt terwijl het zich voltrekt. Zonder belofte, zonder moraal, zonder romantisch narratief. Alleen aandacht, aanraking, ontspanning — en het ongemakkelijke inzicht hoe snel het brein alles weer dichtplakt.

Wie zichzelf herkent, leert iets.
Wie zich ergert, waarschijnlijk ook.

Hartelijke groet,
Peter Koopman

De meeste relaties lopen niet stuk, ze lopen vast — in wat ooit goed werkte.

Aandacht, aanraking en de slijtage van intimiteit
Over massage als leeromgeving, niet als remedie

Er bestaat een hardnekkige misvatting over relaties: dat ze mislukken door gebrek aan inzet, liefde of communicatie. Dat idee is aantrekkelijk omdat het moreel geruststelt. Wie faalt, heeft blijkbaar onvoldoende zijn best gedaan. De werkelijkheid is minder troostrijk en tegelijk eenvoudiger. Relaties slijten omdat ze werken. Omdat het organisme leert. Omdat herhaling energie bespaart. En omdat aandacht — het kostbaarste wat we bezitten — zich onvermijdelijk verplaatst naar prikkels met een hogere opbrengst.

Dit essay gaat niet over hoe relaties te redden. Het gaat over hoe ze functioneren. Over hoe intimiteit ontstaat, verdwijnt en soms tijdelijk opnieuw zichtbaar wordt wanneer we de automatische piloot kort uitschakelen. Massage fungeert hier niet als oplossing, maar als instrument: een gecontroleerde context waarin gedrag zichtbaar wordt terwijl het zich voltrekt. Niets meer, niets minder.

1. Aandacht als schaars goed

In een wereld van overvloed is schaarste verschoven. Niet voedsel, veiligheid of informatie zijn nog beperkend, maar aandacht. Aandacht is geïnvesteerde leef-tijd. Elk moment dat we iemand zien, horen, aanraken of overwegen, is een moment dat niet elders kan worden ingezet. Dat maakt aandacht economisch, niet moreel.

Relaties beginnen doorgaans met een explosie van aandacht. De ander is nieuw, onvoorspelbaar, informatief. Het brein registreert afwijking, activeert waakzaamheid, verhoogt dopamine. Maar systemen die niet leren, overleven niet. Dus leert het organisme. Het voorspelt. Het reduceert variatie. Wat eerst prikkel was, wordt achtergrond. Wat eerst exclusief was, wordt onderdeel van het repertoire.

Dit proces is geen defect. Het is de kern van adaptatie. Hetzelfde mechanisme dat ons leert lopen, spreken en autorijden, leert ons ook hoe een partner beweegt, reageert en aanvoelt. Efficiëntie is het einddoel, of we dat nu willen of niet.

2. Intimiteit als bijproduct van onzekerheid

Intimiteit wordt vaak voorgesteld als iets dat groeit door nabijheid en herhaling. In werkelijkheid floreert ze bij onzekerheid. Intimiteit ontstaat wanneer het organisme nog niet precies weet wat er gaat gebeuren, wanneer aandacht nodig is om te navigeren. Zodra voorspelling betrouwbaar wordt, neemt aandacht af. Dat voelt subjectief als “sleur”, maar objectief als succes van leren.

Seks vormt hier een interessant geval. Seks is een van de meest exclusieve vormen van aandacht: lichamelijk, zintuiglijk, risicovol. Maar ook seks is gevoelig voor automatisering. Posities, timing, reacties — alles wordt voorspelbaar. Wat overblijft is uitvoering zonder verrassing. Devaluatie volgt niet omdat seks onbelangrijk is, maar omdat hij te goed geleerd is.

Het idee dat meer praten, meer plannen of meer romantiek dit kan keren, miskent de onderliggende logica. Je kunt aandacht niet afdwingen met intenties. Aandacht ontstaat waar voorspelling faalt.

3. Het organisme en zijn heuristieken

Het brein is een energiebesparend orgaan. Het is niet ontworpen om waarheid te vinden, maar om snel te reageren. Heuristieken — snelle vuistregels — zijn geen cognitieve luiheid, maar primaire overlevingsmechanismen. Wat werkt, wordt herhaald. Wat voorspelbaar is, wordt genegeerd.

Daniel Kahneman heeft dit onderscheid geformaliseerd in snel en langzaam denken, maar het principe is breder toepasbaar. In relaties domineren snelle systemen. Interpretaties, verwachtingen en emoties lopen voor op reflectie. Pas achteraf verzint het narratieve brein een verklaring die het geheel samenhangend doet lijken.

Dat verklaart waarom mensen vaak oprecht geloven dat hun gevoelens “plotseling” verdwenen zijn. In werkelijkheid is de aandacht al lang geleden verschoven. Het verhaal volgt later.

4. Huidhonger en regulatie

Fysiek contact is een van de oudste regulatiemechanismen bij zoogdieren. Aanraking verlaagt stress, beïnvloedt het autonome zenuwstelsel en creëert veiligheid. Huidhonger is geen poëtische term, maar een beschrijving van gemis aan basale regulatie.

In langdurige relaties neemt fysiek contact vaak af, niet uit afkeer, maar uit vanzelfsprekendheid. Aanraking zonder doel verdwijnt. Wat overblijft is functioneel contact: seks, zorg, praktische handelingen. De tussenlaag — aanraking zonder verwachting — verdampt.

Massage herintroduceert precies die laag, maar alleen als zij zorgvuldig wordt ontdaan van seksuele teleologie. Zodra aanraking een doel krijgt, activeert het brein scripts. Verwachting sluipt binnen. De leeromgeving verandert in uitvoering.

5. Massage als context, niet als remedie

Mijn idee om massage te gebruiken binnen sleurrelaties is interessant, niet omdat massage bijzonder is, maar omdat zij een kunstmatige context kan creëren waarin aandacht tijdelijk wordt herverdeeld. Cruciaal is dat massage hier geen therapie is en geen romantisch ritueel, maar een scène met expliciete regels.

De deseksualisering is geen morele keuze, maar een functionele. Seksualisering is een heuristische shortcut. Het brein herkent aanraking, koppelt betekenis, activeert arousal en verwachting. Wie inzicht wil, moet dat script onderbreken.

De rolverdeling is asymmetrisch. De masseur hanteert een klinische, analytische houding. Niet uit kilte, maar om stabiliteit te bieden. De gemasseerde is passief. Dat alleen al is ongebruikelijk. In relaties is passiviteit vaak beladen; hier wordt zij functioneel ingezet.

6. Vertraging en allostase

Tijdens massage treden allostatische reacties op: ademhaling verandert, spierspanning verschuift, gedachten dwalen. Het lichaam reageert eerst; het brein volgt. En het brein verdraagt betekenisloosheid slecht. Het begint onmiddellijk te verklaren. Waarom voelt dit prettig? Is dit intiem? Moet dit iets betekenen?

Die posthoc verklaringen zijn geen waarheid, maar pogingen tot controle. Door ze expliciet te benoemen — tijdens of na de ervaring — wordt zichtbaar hoe snel het brein verhalen produceert om fysiologie te duiden. Dat inzicht is zeldzaam, omdat het meestal verborgen blijft achter emoties.

Hier raakt mijn idee aan inzichten van Robert Sapolsky over stress en regulatie: eerst de lichamelijke respons, dan de cognitieve rationalisatie. Nooit andersom.

7. Het sociale frame

Een cursuscontext is geen detail, maar een essentieel onderdeel van het ontwerp. Door massage te plaatsen binnen een leeromgeving wordt het sociale frame verschoven. Deelnemers zijn niet geliefden die iets moeten oplossen, maar observatoren van hun eigen gedrag. Dat creëert afstand zonder vervreemding.

Erving Goffman zou dit een herdefinitie van de scène noemen. Rollen veranderen, verwachtingen verschuiven. Wat normaal impliciet is, wordt expliciet. Dat alleen al verstoort automatisme.

8. Wat dit niet is

Het is belangrijk om te benoemen wat dit alles niet is. Het is geen relatietherapie. Geen methode om liefde te verdiepen. Geen alternatief voor seks. Het belooft geen duurzaamheid. Integendeel: ook deze interventie zal slijten. Ook dit wordt repertoire.

En dat is geen zwaktebod. Dat is het bewijs dat het mechanisme correct is begrepen. Wie verwacht dat een techniek aandacht blijvend kan fixeren, heeft de logica van het organisme niet begrepen.

9. Leren door ervaring

Wat resteert, is leren. Niet in de vorm van inzichten die men kan opschrijven en herhalen, maar in de vorm van herkenning. De deelnemer merkt hoe snel verwachtingen opkomen. Hoe snel betekenis wordt geplakt. Hoe moeilijk het is om simpelweg te voelen zonder verhaal.

Dat leren vindt plaats op meerdere niveaus tegelijk. Technisch: aanraking zonder doel. Gedragsmatig: observatie van eigen reacties. Fysiologisch: ontspanning zonder narratief. Relationeel: intimiteit zonder claim. Geen van deze lagen hoeft nagestreefd te worden; ze ontstaan als bijeffect van de setting.

10. De onvermijdelijke afloop

Uiteindelijk zal ook dit proces worden geïncorporeerd. De massage wordt bekend. De reacties voorspelbaar. De aandacht verschuift opnieuw. Dat is geen mislukking, maar een bevestiging van de centrale these: alles wat werkt, wordt efficiënt gemaakt. Efficiëntie doodt aandacht.

De waarde van het experiment ligt daarom niet in behoud, maar in bewustwording. In het leren herkennen van het moment waarop aandacht weglekt. In het zien van de snelheid waarmee het brein alles wat waardevol is, omzet in routine.

11. Een ongemakkelijke conclusie

Relaties sterven niet door gebrek aan liefde, maar door succes van leren. Intimiteit verdwijnt niet omdat mensen onverschillig worden, maar omdat hun organismen efficiënt functioneren. Aandacht is geen morele keuze, maar een biologisch proces.

Massage, in de hier beschreven vorm, biedt geen redding. Het biedt een spiegel. Wie daarin kijkt en zichzelf herkent, heeft iets geleerd. Wie zich verzet, bevestigt slechts hoe diep het automatisme zit.

Dat is geen cynisme. Dat is observatie. En in een tijd waarin aandacht het schaarste goed is geworden, is het misschien het hoogst haalbare: niet vasthouden, maar zien hoe alles wat waarde heeft, onvermijdelijk slijt.

Alles wat waarde heeft, wordt vroeg of laat repertoire; wie dat ziet, begrijpt niet hoe relaties gered worden, maar hoe ze slijten.

Literatuurlijst 

Becker, E. (1973). The Denial of Death. Free Press.

Damasio, A. (1999). The Feeling of What Happens: Body and Emotion in the Making of Consciousness. Harcourt Brace.

Friston, K. (2010). The free-energy principle: A unified brain theory? Nature Reviews Neuroscience, 11(2), 127–138.

Goffman, E. (1959). The Presentation of Self in Everyday Life. Anchor Books.

Kahneman, D. (2011). Thinking, Fast and Slow. Farrar, Straus and Giroux.

LeDoux, J. (1996). The Emotional Brain. Simon & Schuster.

Panksepp, J. (1998). Affective Neuroscience. Oxford University Press.

Sapolsky, R. M. (2004). Why Zebras Don’t Get Ulcers (3rd ed.). Henry Holt.

Sapolsky, R. M. (2017). Behave: The Biology of Humans at Our Best and Worst. Penguin Press.

Taleb, N. N. (2012). Antifragile: Things That Gain from Disorder. Random House.

Tinbergen, N. (1963). On aims and methods of ethology. Zeitschrift für Tierpsychologie, 20, 410–433.

Touch Research Institute. (2014). The physiological effects of touch. International Journal of Neuroscience, 124(1), 1–10.

——

Ook interessant voor jou!