De leugen als smeermiddel van het sociale contract
Liegen is niet fout. Het is functioneel.
Geachte lezer,
Eerlijkheid duurt misschien het langst, maar het werkt voor geen meter. In dit hoofdstuk duiken we in de evolutionaire noodzaak van bedrog, hypocrisie en sociaal theater.
Waarom liegen politici altijd? Waarom liegt de massa soms? Omdat liegen loont — evolutionair, strategisch en sociaal.
Een waarheid als een koe (die ook liegt),
Peter Koopman
“Let op: dit essay bevat sporen van ironie, sarcasme en een onaangename waarheid. Niet geschikt voor wie gelooft in ‘de innerlijke goedheid van de mens’.”
Deel 4: Deugen als Sociale Valuta
Of: hoe moreel gedrag werd gekaapt door marketinginstincten
Het moderne deugen heeft niets meer te maken met ethiek, en alles met optiek. Wat ooit een functionele groepsstrategie was in kleine stammen van jagers-verzamelaars (geloofwaardigheid als overlevingskans), is verworden tot een performance. Morele poses als statussymbool, deugdzaamheid als merkidentiteit. Je bent niet goed, je doet alsof. En liefst in het openbaar. Deugpronken: dat is het nieuwe morele verdienmodel. Een soort neoliberale karma-economie.
Prehistorische oorsprong: coöperatie onder dreiging
In de vroege mensengroepen (15–25 individuen), gold: wie samenwerkt, overleeft. Deugen was functioneel. Eerlijkheid, betrouwbaarheid, hulpvaardigheid — geen hogere waarden, maar evolutionaire lifebelts. De “goede mens” was de voorspelbare mens, degene met wie je veilig voedsel kon delen zonder een steen tegen je slaap te krijgen bij het kampvuur.
Moreel gedrag was een transactiemiddel, geen spiritueel inzicht. Een manier om je bruikbaarheid binnen de groep te garanderen — en dus je voortplantingskansen veilig te stellen.
Oversocialisatie en de opkomst van de morele façade
In de moderne samenleving is dat mechanisme doorgeslagen. Zoals Taleb (2018) stelt in Skin in the Game: systemen falen zodra er geen risico meer zit aan liegen. Virtue signalling is een vorm van asymmetrisch liegen: het kost niets om te claimen dat je “de goede zaak” dient, zolang je zelf niets inlevert. Geen huid in het spel, maar wel credits voor je “moedige” standpunt — vanuit een veilige bureaustoel, voorzien van WiFi en cappuccino.
Het doet denken aan Nietzsche’s slaafmoraal: de onderdrukten creëren een systeem waarin hun eigenschappen – nederigheid, mededogen, zelfopoffering – worden geprezen. Waarom? Omdat het de enige manier is waarop ze kunnen concurreren met de sterken. In het huidige morele discours is die dynamiek geïnternaliseerd: het is nobel om jezelf weg te cijferen, als het maar in de kijker gebeurt.
Het morele zelf als promotiemateriaal
Kijk om je heen: van LinkedIn tot Instagram, van politieke partijen tot talkshowtafels — overal wordt het morele zelf vermarkt. Je ‘staat voor iets’, je ‘komt op voor minderheden’, je ‘bent inclusief’. Niet omdat het moet, maar omdat het loont. Goedheid is niet langer een gevolg van karakter, maar van pr. Morele marketing.
Deugen is geen innerlijke overtuiging meer, het is een gedragsstrategie in een sociaal netwerk waarin zichtbaarheid belangrijker is dan consistentie. Zoals Taleb schrijft: “If you see fraud and do not say fraud, you are a fraud.”
En dus houden we ons stil als er hypocrisie wordt gesignaleerd. Als een deugmens zijn huishoudelijke hulp onderbetaalt, maar wél #klimaatrechtvaardigheid predikt op Twitter — dan is dat geen reden voor ophef. Want: hij deugt. Dat is zijn valuta, zijn verzekering, zijn wapenrusting.
De gevaren van façade-altruïsme
Het probleem met morele façade is niet alleen de leugen, maar de verwarring. Als iedereen deugt voor de bühne, verdwijnt het onderscheid tussen werkelijke betrokkenheid en narcistisch theater. Moreel gedrag wordt dan performatief in plaats van normatief. Een Instagramfilter over leegte.
We verliezen het vermogen om echte integriteit te herkennen — en erger: we straffen mensen die wél hun huid in het spel brengen maar niet meedoen aan de theatercode. De klokkenluider is lastig. De cynicus storend. De nuchtere realist? Een gevaar voor de groepscohesie.
Kortom:
Deugen is verworden tot een valuta in het publieke ruilverkeer. Ooit ontstaan uit noodzaak binnen kleine groepen, nu gekaapt door een virtuosenspel van morele framing, reputatie-inflatie en façade-altruïsme. Je deugt niet omdat je dat bent, maar omdat je dat moet lijken.
Literatuurlijst (selectie)
- Trivers, R. (1971). The Evolution of Reciprocal Altruism
- Trivers, R. (2000). Deceit and Self-Deception
- Goffman, E. (1959). The Presentation of Self in Everyday Life
- Sapolsky, R. (2017). Behave: The Biology of Humans at Our Best and Worst
- Taleb, N. (2018). Skin in the Game
- Dennett, D. (2006). Breaking the Spell
- Cialdini, R. (2001). Influence: The Psychology of Persuasion
- De Waal, F. (2006). Primates and Philosophers
- Bregman, R. (2019). De meeste mensen deugen
- Dunbar, R. (1998). Grooming, Gossip and the Evolution of Language
- Miller, G. (2000). The Mating Mind
- Nietzsche, F. (1887). Zur Genealogie der Moral
- Freud, S. (1930). Das Unbehagen in der Kultur
